Onderhoudsbehandeling

MS is een chronische aandoening met een sterk wisselend verloop dat van persoon tot persoon sterk verschilt. Er kunnen grofweg twee soorten onderhoudsbehandelingen worden onderscheiden: immunomodulerende en immunosuppressieve therapie. Uitgangspositie bij het maken van een keuze is de mate van ziekteactiviteit. Voor mensen met een lage(re) ziekteactiviteit zijn een immunomodulerende therapie  de behandeling van keuze. Immunosuppressieve middelen zijn bestemd voor personen met een hoge ziekteactiviteit of voor personen die onvoldoende baat hebben bij immunomodulerende therapie. 

De immunomodulerende behandeling

Bij een lage(re) ziekteactiviteit worden middelen ingezet die bepaalde (positieve) elementen van het afweersysteem stimuleren en andere (negatieve) elementen van het afweersysteem afremmen.Tot de immunomodulerende middelen behoren interferon beta-1b, interferonen beta-1a (twee versies) en glatirameeracetaat. Op dit moment ontvangen het merendeel van de behandelde mensen een immunomodulerend middel.

De immunosuppressieve behandeling

Bij deze behandeling worden middelen ingezet die (bepaalde) delen van het afweersysteem onderdrukken. Immunosuppressieve middelen (natalizumab of mitoxantrone) worden toegepast als er sprake is van een sterke ziekteactiviteit of als er meer terugvallen optreden dan verwacht op de immunomodulerende middelen. Mitoxantrone kan slechts gedurende een korte periode gebruikt worden. Bij natalizumab moet na twee jaar overwogen worden of de therapie kan worden voortgezet.


Laatst aangepast 13-02-2012 | Copyright © 2011, Bayer B.V., Bayer HealthCare Pharmaceuticals